AI-agenten worden steeds autonomer, maar menselijk oordeel blijft onvervangbaar, zeker wanneer beslissingen consequenties hebben. SAS pleit daarom voor governance als fundament voor betrouwbare AI.
“Will people matter?”, verschijnt in het groot op het scherm tijdens de SAS Innovate on tour 2026 in Amsterdam. Die vraag is niet retorisch. Nu AI-agenten data kunnen raadplegen, beslissingen nemen en acties uitvoeren zonder menselijke tussenkomst, groeit ook de bezorgdheid over controle, verantwoordelijkheid en vertrouwen.
Het antwoord van SAS is even eenvoudig als veelzeggend: governance (beheer). Niet als bureaucratische drempel, maar als het systeem dat menselijk oordeel op schaal brengt, en zo de mens aan het stuur houdt.
In de handen van AI
AI-agenten worden steeds krachtiger en zelfstandiger, maar hoe ver mag die autonomie gaan? Het is een vraag die vaker opduikt nu bedrijven AI inzetten voor processen die vroeger uitsluitend in menselijke handen lagen. Volgens Véronique Van Vlasselaer, Hoofd AI & Data Science EMEA bij SAS, zijn er limieten aan autonome AI-agenten. “Autonomie vraagt automatisering, en automatisering vraagt standaardisatie.” Volgens haar zitten we momenteel nog aan de standaardisatie.
“Je kan niet automatiseren zonder standaardisatie. Agenten moeten ontworpen worden om menselijke input te vragen, vooral in onzekere of ambigue situaties. Enkel op die manier kun je veilige agenten bouwen.” Volledig autonome agenten zijn volgens haar dus geen realistisch scenario, omdat de AI enkel geleerd heeft binnen de context van zijn trainingsdata. “Mensen zijn dynamischer en veerkrachtiger bij atypische situaties”, vertelt ze.
Menselijk oordeel primeert
Reggie Townsend, Vicevoorzitter AI-ethiek, governance en sociale impact bij SAS sluit zich aan bij het standpunt van Van Vlasselaer en giet er een filosofisch sausje over. “Het menselijk oordeel is onvervangbaar bij beslissingen met ambiguïteit en concurrerende waarden.” Hij waarschuwt voor een sluipende verschuiving die volgens hem al gaande is: “AI-systemen zijn ontworpen om menselijke capaciteiten uit te breiden, maar verdringen geleidelijk het menselijke oordeel.”

Zijn antwoord op die verschuiving is governance. Voor veel bedrijven voelt dit als een rem op innovatie, maar Townsend ziet dat anders: “Mijn doel is om met governance het besturen van AI eenvoudiger, handiger en intuïtiever te maken.” Het belang van governance voor SAS vertaalt zich in de praktijk naar de AI Navigator, die tijdens SAS Innovate in april werd aangekondigd.
AI Act
De AI Navigator biedt een handig overzicht van alle AI-modellen, hun onderlinge afhankelijkheden en ondersteunende beleidsregels binnen je bedrijf, wat voor aankomende regelgeving een plus kan zijn.
De implementatie van de EU AI Act staat momenteel gepland voor augustus 2026, mits er geen vertragingen opduiken. “Dit betekent dat bedrijven in lijn met de wetgeving een inventaris moeten opmaken van alle AI-systemen die ze gebruiken”, licht Townsend toe.

“Louter een opsomming van modellen of agenten, zoals ChatGPT of Copilot, is daarbij niet voldoende. Dezelfde tool kan namelijk door een marketeer heel anders ingezet worden dan door een data scientist.” De SAS AI Navigator kan hier volgens hem bij helpen.
“Het zijn niet de modellen zelf waar de bedrijfswaarde en het risico zitten, maar in de concrete toepassing ervan”, aldus Townsend. “Daarom plaatst de AI Navigator de use case centraal: de specifieke manier waarop AI ingezet wordt binnen een bedrijfsproces.”
AI staat of valt met data
SAS gelooft al sinds het prille begin in de kracht van data. Het Viya-platform is hier de praktische vertaling van. Viya is het cloud-native analyseplatform van SAS dat de volledige data- en AI-levenscyclus ondersteunt, en van bij de start gebouwd is voor AI.
Modellen en agenten zijn maar zo goed als de data die erachter zit.
Véronique Van Vlasselaer, Hoofd AI & Data Science EMEA bij SAS
“Modellen en agenten zijn maar zo goed als de data die erachter zit”, aldus Van Vlasselaer. Volgens haar is de grootste drempel voor AI dus niet talent of tooling, maar data.
Het platform draait zowel op publieke clouds van Azure, Amazon en Google als op Europese alternatieven en on-premises omgevingen, wat het ook relevant maakt in het soevereiniteitsdebat.
Soevereiniteit
Wanneer we spreken over data en AI, gaat dit vaak gepaard met een vleugje bezorgdheid rond soevereiniteit. Die bezorgdheid gaat voor Europese klanten verder dan de vraag waar hun data staan, zegt Mathias Coopmans, Country Leader België bij SAS. “Het draait ook om wie er toegang toe heeft en hoe hard ze gebonden zijn aan één leverancier.”
“Grote Amerikaanse cloudproviders als Azure, Amazon en Google bieden een uitgebreide catalogus aan diensten, maar wie daar te diep in stapt, raakt moeilijk los”, vertelt hij. Europese alternatieven hebben vandaag een beperkter aanbod, maar groeien snel volgens Coopmans.
Menselijke creativiteit
De uitdaging voor organisaties is niet de technologie zelf, maar hoe je grip houdt op wat de technologie doet: welke data erachter zitten en welke beslissingen ze neemt. Governace mag daarbij volgens SAS geen bijkomende zorg zijn, maar één van de fundamenten waarop betrouwbare AI gebouwd wordt.
De visie van SAS daarin is niet helemaal uniek. Dat controle, inzicht en governance een essentiële rol spelen in de uitrol van veilige AI op enterprise-niveau, horen we intussen ook bij andere grote technologiespelers. Denk maar aan SAP, dat zich vanuit de ERP-kant een centrale rol in de uitrol van AI wil toe-eigenen, Snowflake dat dezelfde roeping volgt als dataplatform, en ook ServiceNow en Salesforce die het zwaartepunt van AI-implementaties hopen te zijn.
AI werkt prima voor optimalisatie en creativiteit, maar bij beslissingen met echte impact moet het altijd de mens zijn die het laatste woord heeft.
Reggie Townsend, Vicevoorzitter AI-ethiek, governance en sociale impact bij SAS
Op de vraag die in het begin van de presentatie verscheen, kunnen we op basis van de visie van SAS alleszins volmondig ‘ja’ antwoorden: people will matter. “Het is jullie menselijke creativiteit en vindingrijkheid die AI aanstuurt”, besluit Van Vlasselaer.
