Het Europese Parlement keurt nieuwe regels goed voor het gebruik van auteursrechtelijk beschermd werk voor AI-training. De regels vereisen transparantie, vergoeding en de mogelijkheid tot opt-out.
In het Europees Parlement is vandaag gestemd over nieuwe regels om auteursrechtelijk werk beter te beschermen tegen AI-bedrijven. Met 460 stemmen voor, 71 stemmen tegen en 188 onthoudingen werd een ruime meerderheid bereikt. Deze regels zijn van toepassing op alle generatieve AI-systemen die worden aangeboden op de EU-markt, ongeacht waar ze worden ontwikkeld. De maatregelen zijn een reactie op de groeiende zorgen over het gebruik van auteursrechtelijk beschermde inhoud.
Om hun LLM’s te trainen, hebben AI-bedrijven het internet afgeschuimd en alle publiek beschikbare informatie verzameld. De auteursrechtwetgeving werd daarbij zeer ruim geïnterpreteerd. Teksten, boeken, kunstwerken en alles wat online te vinden is, werd gevoed aan algoritmen zonder de makers van die werken een eerlijke vergoeding te geven. Dat heeft al geleid tot rechtzaken.
Het nieuwe pakket aan regels is gesteund op drie pijlers: een eerlijke vergoeding voor auteurs, transparantie vanuit de technologiesector en de mogelijkheid tot opt-out.
Eerlijke vergoeding
De Europese Unie wil verzekeren dat het gebruik van auteursrechtelijk beschermd materiaal door generatieve kunstmatige intelligentie voortaan eerlijk wordt vergoed. De regels moeten de creatieve sector beschermen, maar zijn evengoed van toepassing op de IT-sector, waar software ook onder auteursrecht kan vallen.
Auteurs moeten niet alleen correct vergoed worden voor nieuw werk, maar ook met terugwerkende kracht voor eerder gebruikt werk. Het Parlement schuift de verantwoordelijkheid door naar de Commissie als uitvoerend orgaan om een eerlijk licentiesysteem uit te werken.
Transparantie en opt-out
Voor AI-bedrijven geld voortaan volledige transparantie als ze beschermde inhoud willen laten gebruiken door generatieve kunstmatige intelligentie. Technologiebedrijven moeten een gedetailleerde lijst verstrekken van alle auteursrechtelijk beschermde werken die worden gebruikt om hun AI-modellen te trainen.
Dit omvat ook gedetailleerde gegevens over crawlingactiviteiten voor inferentie en RAG. Het ontbreken van deze informatie kan worden beschouwd als een inbreuk op het auteursrecht, met juridische gevolgen voor AI-aanbieders en -gebruikers.
Tenslotte vindt het Parlement dat auteurs ook het recht moeten hebben om hun werk volledig uit te sluiten van AI-training. De parlementariërs schuiven het Europese Bureau voor de Intellectuele Eigendom (EUIPO) naar voor om een opt-outlijst op te stellen en te beheren.
