Softwarebedrijven en SaaS-leveranciers krijgen klappen door de opkomst van AI-agenten van OpenAI en Anthropic. Dreigt het SaaS-model te verdwijnen, en wat zijn de gevolgen?
4 februari vond een ware ‘SaaSpocalypse’ plaats op Wall Street. Op amper enkele dagen ging maar liefst 400 miljard dollar aan beurswaarde in rook op. Grote softwarebedrijven als Microsoft, Oracle, ServiceNow, Salesforce en Adobe kregen het zwaar te verduren omdat beleggers massaal hun aandelen dumpen.
De beurscrash is het gevolg van de opkomst van AI-agenten. Die worden al langer aangekondigd, maar nu komen de vaardigheden van de agenten akelig dicht in de buurt van wat de traditionele softwareleveranciers aanbieden. Bedrijven herbekijken of ze nog wel zoveel abonnementen nodig hebben en of AI niet het werk kan overnemen. Zo staat het SaaS-model plots voor een herexamen met hoge inzet.
Hoofdschuldige Anthropic
Voor wat op 4 februari gebeurde, mogen de softwareboeren kwaad in de richting van Anthropic kijken. Anthropic pakte begin dit jaar uit met Claude Cowork: een AI-assistent gericht op diverse kantoortaken. Claude Cowork is gebouwd op dezelfde basis als Claude Code, die al veel indruk maakte met zijn codeervaardigheden.
Waar Claude Code enkel een bedreiging kan zijn voor (onervaren) softwareprogrammeurs, breidt Anthropic met Cowork zijn speelveld uit. Het brengt Claude op het terrein van minder technische aangelegde kantoorwerkers: doelgroepen waar SaaS-vendoren zich vaak op richten met gespecialiseerde softwarepakketten. Claude Cowork bundelt al die kennis in één platform.
Samen met de opkomst van Claude Code hangt OpenClaw, het opensourceplatform dat veel furore veroorzaakt. Met OpenClaw kan je een AI-agent naar keuze aan WhatsApp of Signal haken. OpenClaw verspreidt zich razendsnel en biedt in theorie iedereen de mogelijkheid om zijn eigen AI-assistent te bouwen, zonder ergens een abonnement op te hoeven nemen. In dit artikel gaan we dieper in op de opmars van OpenClaw.
lees ook
OpenClaw verovert de wereld: opensource succesverhaal of uit de hand gelopen experiment?
SaaS-bubbel
Het SaaS-model kwam beginjaren 2000 op. De belofte was erg simpel: voor een maandelijkse of jaarlijkse abonnementsprijs krijg je kant-en-klare software ter beschikking die via een webbrowser beschikbaar is. Zaken als infrastructuur, onderhoud, updates en (tot zekere mate) beveiliging neemt de leverancier allemaal voor zijn rekening.
De SaaS-markt explodeerde de afgelopen 25 jaar en wordt vandaag op meer dan 250 miljard dollar geschat. Grote organisaties hebben al snel meer dan honderd applicaties in gebruik voor een diverse waaier aan toepassingsgebieden, van communicatie tot HR en IT-beveiliging. Aan de periode van lange groei lijkt nu een einde te komen.
Huidige AI-tools lijken stilaan in staat om dezelfde problemen op te lossen, aan een lagere kost. Een betaald ChatGPT- of Claude-account kan meerdere SaaS-abonnementen vervangen. Dat wil niet zeggen dat de SaaS-boeren niet mee op de AI-trein springen: Salesforce eigent zich de term AI-agent’ toe. Maar waar cloudplatformen ooit het hippe alternatief waren voor klassieke software, vormen AI-bedrijven zoals OpenAI en Anthropic nu de nieuwe lichting.
lees ook
AI-agents: iPhone-moment of oude wijn in nieuwe zakken?
Om relevant te blijven in een AI-toekomst, zullen softwarebedrijven hun businessmodel moeten heruitvinden. De prijszetting van SaaS-software evolueert langzaam naar prijs per gebruik in plaats van per gebruiker. Ook zullen softwarebedrijven de kracht van hun ecosysteem als onderscheidende factor moeten uitspelen om zich te onderscheiden van ‘generieke’ AI-agenten. Salesforce doet dat bijvoorbeeld door zijn Agentforce-platform in te bedden in klantendata.
Gezocht: seniors
AI zet al langere tijd de jobmarkt onder druk. Hoewel experten uit de industrie beweren dat AI geen bedreiging vormt voor jobs, zien we op dit moment toch eerder het tegenovergestelde. Grote technologiebedrijven, zoals recent nog AWS en Workday, kondigen in naam van AI grote ontslagrondes aan of zetten wervingen op pauze.
Je wil dezer dagen vooral geen pas afgestudeerde softwareontwikkelaar zijn. AI-codeertools staan op een punt dat ze veel van het ‘handenwerk’ kunnen overnemen dat vroeger aan juniors werd toevertrouwd. De rol van de ontwikkelaar verandert van programmeur naar controleur en hiervoor zoeken bedrijven voornamelijk naar seniors. Statistieken uit de Amerikaanse jobmarkt tonen dat de tewerkstellingsgraad onder pas afgestudeerde IT-profielen effectief aan het afnemen is.
lees ook
Staat de AI-talentenpiramide op kantelen?
Deze trend dreigt op lange termijn voor problemen te zorgen. Als juniors niet meer de kans krijgen om ervaring op te doen, zijn er op termijn ook geen seniors meer. De kennis en ervaring van senior ontwikkelaars dreigt zo te verdwijnen wanneer zij met pensioen gaan. De situatie is vergelijkbaar met mainframes: die grote computerbakken zijn vandaag nog courant aanwezig, maar geen programmeur is de oude Cobol-programmeertaal vandaag nog machtig.
Waar gaat het naartoe?
Hoewel beursschommelingen zelden een weerspiegeling zijn van rationeel gedrag, dienen de gebeurtenissen van 4 februari wel als een wake-upcall voor de softwaresector. De neerwaartse trend is al langer aan de gang. Beleggers vrezen dat bredere AI-adoptie voor een bloedbad onder softwarebedrijven zal zorgen en die impact ook naar andere sectoren zal uitbreiden.
AI-agenten doen zo niet alleen software, maar het hele economische systeem op zijn grondvesten daveren. De drang naar efficiëntiewinst kan op korte termijn pijn doen als een hele sector wegvalt, en er nergens nog plek is voor junior-profielen om te ontpoppen tot seniors. Neem veel blokjes weg aan de onderkant en de Jenga-toren zal vroeg of laat vallen.
